Datum: 11-05-2020

Geur is een van de grootste bronnen van overlast in Noord-Holland. Sinds 2015 werken de provincie Noord-Holland en Port of Amsterdam aan een netwerk van elektronische neuzen (eNoses). Het zijn er inmiddels 84. Een eNose is een meetinstrument met 4 sensoren. Het signaleert veranderingen in de luchtsamenstelling.

Het doel van het eNose-netwerk is om de leefbaarheid in het Havengebied en omstreken te vergroten omtrent geur. Daarnaast monitoren de ‘neuzen’ rond het Noordzee- en Amsterdam-Rijnkanaal het provinciaal milieuverbod op varend ontgassen. De Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied (OD NZKG) voert de monitoring uit. Op 11 mei kwam het Jaarverslag eNose-netwerk Noordzeekanaalgebied en Amsterdam-Rijnkanaal 2019 uit. Hieronder staan de belangrijkste conclusies over geurmonitoring met de eNoses.

Belangrijkste conclusies

  • In 2019 zijn 3.003 eNose alarmeringen geregistreerd ten opzichte van 1.866 in 2018. Deze stijging van 62%, is veroorzaakt doordat in 2018 het eNose netwerk is uitgebreid met 41 eNoses.
  • Van de 746 geconstateerde verhoogde signalen is 68% afkomstig van acht eNoses in het Westelijk Havengebied. De belangrijkste oorzaak hiervan is zeer waarschijnlijk de economische groei en daarmee gepaard gaande vraag naar brandstof. Hierdoor is er sprake van een toename van de doorzet van brandstoffen en dus een grotere emissie van vluchtige koolwaterstoffen. Een toename van stilliggend ontgassen ligt daarbij niet voor de hand, omdat alle in het gebied gelegen terminals beschikken over dampverwerking.
  • De Degassing Vessel Detective tool (ontgassingstool), die het varend ontgassen van vaartuigen detecteert, heeft in 2019 in totaal 348 meldingen gegenereerd. De werking van deze tool is hiermee zeer succesvol gebleken. De ontgassingen op het Noordzeekanaal vinden altijd in hetzelfde gebied plaats, vaak aangewezen door de divisie Havenmeester van Port of Amsterdam. De ontgassingen op het Amsterdam-Rijnkanaal vinden plaats wanneer schepen, zonder lading, weer naar het zuiden varen; deze zijn als illegale ontgassing aan te merken.
  • De actiedagen van IL&T, samen met de DCMR en OD NZKG hebben positieve ervaringen opgeleverd op het gebied van samenwerking en de inzet van nieuwe toezichtsmiddelen (drones en eNoses) voor de opsporing van varende ontgassingen. 
  • In 2019 zijn in het Westelijk havengebied 272 geurklachten geregistreerd. In 164 gevallen is de werkelijke veroorzaker gevonden. In de overige gevallen bleek het niet mogelijk om met zekerheid vast te stellen wat de oorzaak van de geur was.
  • De aard van de klachten in 2019 is niet vergelijkbaar met de aard van klachten uit 2018. De grootste verschillen tussen 2019 en 2018 zijn herleidbaar tot de categorieën op- en overslag en overig. Een duidelijke verklaring is hiervoor niet te geven. In zijn algemeenheid kan wel gesteld worden dat er een toenemende interesse voor luchtverontreiniging waarneembaar is en een verminderde acceptatie hiervan. Het aantal klachten uit de categorieën afval en voedingsmiddelen is wel vergelijkbaar met 2018.
  • Afhankelijk van de windrichting, is een verandering van soort olie opslag (strategische of dynamisch) direct merkbaar in de signalering van de eNoses, zoals in 2019 waarneembaar was bij eNose SA-01.   Bij strategische opslag vinden er in de tijd maar weinig handelingen met de opgeslagen brandstof plaats en daarmee blijven de geuremissies beperkt. Bij een meer dynamische bedrijfsvoering, meer handel en daardoor meer aan- en afvoer waardoor juist sprake is van meer verladingen en kans op grotere geuremissies. Een verandering van de soort opslag (strategische of dynamisch) is daarom direct merkbaar in de signalering  van de benedenwinds gelegen eNoses middels een toename danwel afname van het aantal verhoogde signalen. Een bedrijf in de buurt van eNose SA-01 is veranderd van een strategische- naar een dynamische opslag, waardoor een toename van signaleringen merkbaar was.

Jaarverslag eNose-netwerk Noordzeekanaalgebied en Amsterdam-Rijnkanaal 2019