Oiltanking Amsterdam (OTA)

Datum: 30-07-2020

Normaal gesproken ligt er een strakke jaarplanning voor alle Brzo-inspecties. Samen met alle inspectiepartners leggen we ruim van tevoren vast wanneer welke controles plaatsvinden. Het maken van die planning is al een puzzel an sich. “Met het nieuws dat er niet meer fysiek gecontroleerd kon worden, vielen in eerste instantie de inspecties helemaal stil. Maar we kwamen er al snel achter dat dat niet de manier is, met als resultaat een creatieve samenwerking”, vertelt Ben Hendriks, verantwoordelijk voor de Brzo-inspecties bij de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied (OD NZKG).

Ook spreken we met Robin Hand, HSSE Manager, bij Oiltanking Amsterdam (OTA) over de invloed van corona op de bedrijfsvoering. Oiltanking is sinds 1972 actief in de logistiek van tankopslag. Op de tankterminals slaat Oiltanking bijna vijfhonderd verschillende producten op, waaronder ruwe olie, aardolieproducten, biobrandstoffen, gassen en chemicaliën. De totale overslag van alle terminals in 2019 bedroeg circa 155 miljoen ton. Oiltanking Amsterdam is opgericht in 1975 en slaat met name brandstoffen op. Door de grote hoeveelheid opslag van brandbare vloeistoffen valt OTA onder de Brzo-wetgeving

Consequenties voor interne en externe veiligheid?

Ben Hendriks: “Op het moment dat duidelijk was dat we niet meer fysiek konden controleren vroegen we ons natuurlijk af hoe bedrijven om zouden gaan met deze coronamaatregelen. Wat zouden de consequenties zijn voor de interne en externe veiligheid? Anderzijds vroegen we ons af wat de mogelijkheden waren om toch inspecties uit te voeren. Nadat de controles stil kwamen te liggen hebben we de samenwerking met de inspectiepartners in rap tempo flink geïntensiveerd”. In eerste instantie hebben we gezamenlijk een schriftelijke uitvraag gedaan naar het toepassen van de coronamaatregelen, met als belangrijkste doel inzicht te krijgen in de in- en externe veiligheid. Deze antwoorden legden we vervolgens voor aan de vaste inspectieteams om te beoordelen. Bij verreweg de meeste bedrijven, soms nog wel na een extra uitvraag, leidde dit tot een positief oordeel. “Onze inspecteurs kennen de bedrijven natuurlijk, ook dat speelt een rol in de beoordeling”, vertelt Ben. “Bij een klein percentage besloten we uiteindelijk tot een fysieke controle over te gaan. In deze gevallen kozen we ervoor om de Wabo-inspecteur, samen met iemand van onze inspectiepartners op pad te sturen. Ook hebben we de bedrijven gevraagd om actief te melden als er veranderingen optraden in de bedrijfsvoering.”

Effect op de bedrijfsvoering

Robin Hand: “Het coronavirus heeft bij Oiltanking een groot effect gehad op de bedrijfsvoering”. OTA heeft maatregelen genomen om de verspreiding van het virus zo veel als mogelijk te beperken en om de risico’s voor haar medewerkers en de omgeving zo klein mogelijk te houden. We hebben ook gekeken naar de noodzakelijkheid van uitvoer van geplande projecten en werkzaamheden. Om die reden is er een aantal projecten uitgesteld. Ook bij ons wordt er zoveel mogelijk thuisgewerkt en hebben we goed gekeken naar de bezetting van het personeel. Gelukkig hebben we medewerkers met een gezond arbeidsethos en wordt er altijd naar een oplossing gezocht. Door de getroffen maatregelen is er geen effect geweest op de veiligheid van de medewerkers en de omgeving. Toen het aantal besmettingen een hoogtepunt bereikte zijn er bijvoorbeeld reserveploegen ingericht om te voorkomen dat er bij ziekte onvoldoende bezetting zou zijn op de terminal. OTA had al in een vroeg stadium contact met het hoofdkantoor om een plan op te stellen voor deze onzekere en onvoorspelbare tijden.”

“Nadat de controles stil kwamen te liggen hebben we de samenwerking met de inspectiepartners in rap tempo flink geïntensiveerd.”  

Meer vraag en minder bezetting

Een aantal inspecties is wel fysiek doorgegaan zoals de inspecties bij de brandstofterminals, waaronder ook OTA. Ben: “Bij de brandstofterminals hebben we intensiever gecontroleerd dan normaal. Dit heeft er vooral mee te maken dat in het begin van de coronatijd de benzineprijs flink omlaagging. We redeneerden dat door de lage benzineprijs de klanten van de olieterminals waarschijnlijk meer benzine inkopen en vanwege de besmettingsrisico’s er wel eens minder mensen aanwezig konden zijn. Hoe zouden de brandstofterminals met deze twee gegevens omgaan? Reden dus voor ons en de inspectiepartners om extra controles uit te voeren, al stonden deze niet gepland.” Robin: “Dat klopt, er is een handhaver van de OD NZKG samen met een handhaver van de Veiligheidsregio op bezoek geweest om te controleren of Oiltanking zich aan de voorschriften rondom corona hield. De inspectie is goed verlopen. De samenwerking met de inspecteurs van de OD NZKG is ook goed. Uiteindelijk hebben we allemaal de verantwoordelijkheid om een veilige omgeving te creëren binnen onze regio.”

‘Normale’ inspecties, maar hoe?

Tot zover de inspecties rondom het toepassen en naleven van de coronamaatregelen. Maar hoe om te gaan met de ‘normale’ inspecties? Hoe kan de OD NZKG onder deze bijzondere omstandigheden voldoen aan zijn opdracht?

Ben: “In eerste instantie kozen we ervoor om documenten op te vragen van het veiligheidsbeheerssysteem en legden we deze voor aan de inspectieteams. Naarmate de tijd vorderde ontwikkelden we hiervoor een aantal werkwijzen. In eerste instantie deden we alle beoordelingen alleen schriftelijk. Maar dat was wel behoorlijk afwijkend van de normale werkwijze, vooral omdat het erg toegespitst was op een enkel onderwerp. Daarna zijn we gestart met inspecties via videobellen. Inmiddels weten we dat een combinatie het best werkt; eerst vragen we documenten op en dat volgen we op door een videoconference. Maar we behouden ons de mogelijkheid om bedrijven te bezoeken. Bovendien zien we ruimte in de planning om een aantal onverwachte inspecties later dit jaar uit te voeren, op basis van het papierwerk dat in coronatijd is opgevraagd.”

(Dit artikel is gepubliceerd in Zorb Magazine, editie juli 2020)

Stem